Is Sint-Hubertus niet de patroonheilige van de Jefkes?

Neen, maar de verwarring is begrijpelijk.

In het oudste document dat van de Jefkes werd teruggevonden – het “reglement” van 1839 – wordt met geen woord gerept over de patroonheilige en ook niet over de kalender van de jongmansgilde. De vlaggen van de vereniging verschaffen al evenmin uitsluitsel over deze prangende kwestie…

Omdat Sint-Hubertus volgens de legende zijn laatste levensdagen in Leefdaal heeft doorgebracht en er in de 17e eeuw – toen de originele Jefkes al bestonden – alhier een zeer actieve St.-Hubertusverering was, werd door verscheidene vorsers verondersteld dat hij de patroon van de Jefkes moest zijn, temeer daar Hubertus gekend was als patroon van de jagers, en dat zijn toch ook schutters!

In 1905 – drie jaar nadat op het hoogtepunt van een vete een aantal Jefkes de gilde verliet en een nieuwe jongmansgilde “Sint-Lambertus” oprichtte – bepaalde de gemeenteraad van Leefdaal dat schuttersgilden geen belasting moesten betalen als ze een dansfeest organiseerden. Er werden in het verslag van de gemeenteraad 4 schuttersverenigingen met naam genoemd, waaronder(2) de jongmansgilden van Sint-Jan en van Sint-Lambertus.

Sinds mensenheugenis vieren de Jefkes nr. 1 hun schuttersfeest op de “zondag op of na het feest van Sint-Jan”, dat wil zeggen op 24 juni of de zondag erna; als Sint-Hubertus de “schutsheilige” was, dan had dat schuttersfeest rond 3 november moeten plaatshebben.

De keuze van Sint-Jan is niet toevallig en heeft zijn wortels in aloude Germaanse tradities!

Sint-Jan, alias Johannes de Doper (Jan Baptist, Tist voor de vrienden), werd volgens de kerkelijke overlevering geboren op 24 juni, 6 maanden voor zijn verre neef Jezus Christus. “Toevallig” stemmen die tijdstippen overeen met de viering van de 2 zonnewendes: op 24 juni (1) staat de zon het hoogst en zijn de dagen het langst; rond Kerstmis is het precies omgekeerd. De zomerzonnewende was daarom het feest van de vruchtbaarheid, de winterzonnewende het feest van het (nieuwgeboren) licht.

Baldur of Baldr

Baldur of Baldr

Om de vruchtbaarheid en een goede oogst te verzekeren probeerden de oude Germanen tijdens de zomerzonnewende de boze geesten (duivels, heksen, tovenaars…) te bezweren met behulp van hun God Baldur, een stralende jongeman die stond voor vruchtbaarheid, rechtschapenheid en welsprekendheid.

Sint-Jan paste goed bij het feest van de vruchtbaarheid, want zijn moeder Elisabeth werd als onvruchtbaar beschouwd tot zij, met Gods hulp, op latere leeftijd plots toch zwanger werd. Hij was als jonge man bovendien ook de rebel die welsprekend predikte tegen misbruiken, eigenschappen die perfect leken op Baldur…

De Jongmansgilde past eveneens goed in die vruchtbaarheidscultus: jonge, huwbare mannen presenteren zich rond 24 juni aan de (vrouwelijke) bevolking en tonen stoer en onvervaard hun behendigheid. Daardoor is het Jefkesfeest ook een beetje verwant met de meiboomplantingen en andere vruchtbaarheidsriten.

Nog andere “Sint-Jans”-gebruiken, afgeleid van de oude Baldur-vereringen, vinden we bij de Jefkes terug.

sint-janstros

Sint-Janstros

De “Sint-Jans-tros” bijvoorbeeld was een bussel van bloemen en planten, die met de hand en volkomen stilzwijgend moesten worden geplukt op 23 juni. Ze werden tijdens de Sint-Jansmis gewijd en daarna in huis opgehangen ter bevordering van de vruchtbaarheid én tegen allerlei onheil zoals blikseminslag of brand. De “Jefkesbloemen” zijn vermoedelijk verwant aan dit gebruik.

Andere oude gebruiken waren allicht nog in voege bij de Jefkes in de periode 1500-1800, afgaande op enkele kerkelijke interventies aangaande onzedig en losbandig gedrag, maar de moderne Jefkes hebben die niet weerhouden. Althans, wij hebben geen weet van nachtelijke danspartijen rond het Sint-Jansvuur die golden als “zuiverend”. Om huidziekten tegen te gaan was de beste remedie: ’s ochtends op 24 juni naakt door het van Sint-Jansdauw natte gras te rollen. Ook het aanwenden van de magische krachten van walnootbladeren is bij ons weten niet meer in voege. Als een vrouw op Sint Jansavond notebladeren plukte en die voor de noen in de linkerschoen van haar man wist te leggen, dan zou deze zijn vrouw kort daarna teder beminnen: met magie heeft deze verleidingstruk weinig te maken, een man die de blaadjes in zijn schoen ontdekte wist meteen wat hem te doen stond …

Bronnen

  • “De Gouden Guld”, Kring van schuttersgilden “Land van Cuyck” 1933-1983, uitgeverij Van Spijck, Venlo
  • “Kuierend door Midden-Brabant”, diverse auteurs, 1987, Winksele

Voetnoot

(1) Volgens de Juliaanse kalender viel het zomersolstitium, de langste dag van het jaar, op 24 juni, net als later het christelijke Sint-Jansfeest. Hoewel het solstitium in de loop der eeuwen steeds verder van deze datum ging afwijken, bleef 24 juni aan dit feest gekoppeld. Pas bij de invoering van de Gregoriaanse kalender, in grote delen van de Nederlanden niet eerder dan 1700, werd het zomersolstitium op 21 juni vastgesteld.

En de overeenkomst is natuurlijk NIET toevallig: nadat gedurende honderden jaren tevergeefs werd geprobeerd om het aloude “bijgeloof” uit te roeien, begon de Kerk al die ingewortelde gebruiken vanaf circa anno 800 in te passen in de eigen kalender en er een christelijke draai aan te geven.

(2) Dezelfde gemeenteraadsbeslissing vermeldt 2 mansgilden: Sint-Paulus en Sint-Sebastiaen. Dat is een beetje verwarrend: oorspronkelijk waren de “Pekes” de aloude Sint-Sebastiaengilde, maar toen hun breuk in 1902 verdween moesten ze een nieuwe breuk vinden. Dat werd er eentje met een afbeelding van Sint-Paulus, dus kozen ze hem als patroonheilige. Niemand weet waar die nieuwe zilveren breuk vandaan kwam, hij werd geschonken door de toenmalige lokaalhouder en er is dus geen factuur van. Het ligt voor de hand dat die breuk een overblijfsel was van een vergane gilde in een andere gemeente waar Sint-Paulus patroonheilige was. Vossem bijvoorbeeld…

De St.-Sebastiaensbreuk wordt sinds 1902 door de Jefkes van … Sint-Lambertus alias “nummer 2” gedragen; het lijkt erop dat zij ook een “Pekes nr 2” vereniging hadden, maar van enige activiteit van die mansgilde is er (nog) geen spoor gevonden.

De Mekes werden pas in 1979 (her)opgericht; van een sterke band tussen de schuttersgilden en de Rooms-katholieke kerk was er toen al lang geen sprake meer en zij hebben dus ook geen patroonheilige. Jefkes en Pekes worden in de volksmond trouwens al van na WOII niet meer met patroonheiligen geassocieerd.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.